Onderwijsfunctie

Onze school

De School of Understanding Amsterdam-West is in augustus 2016 van start gegaan. Onze school werkt nauw samen met de School of Understanding Amstelveen. We werken met hetzelfde concept maar wijken af in details.

Onze school kent een opbouw in de uitrol van het concept. Veel van onze kinderen komen van anders scholen en worden stap voor stap meegenomen in het ontwikkelen van vaardigheden waarmee ze nog zelfstandiger tot leren kunnen komen onder begeleiding van onze professionals.

De kinderen die starten in de onderbouw worden gelijk meegenomen in ons concept.

De samenstelling van onze groepen

Ieder kind begint in de ochtend in zijn eigen stamgroep, de ontwikkelgroep. De stamgroep bestaat uit kinderen van ongeveer dezelfde leeftijdsgroep/ dezelfde ontwikkeluitdagingen. De groep heeft ongeveer 25 kinderen en een vaste mentorleerkracht.

In de ontwikkelgroep starten we de dag met levenshoudinggericht onderwijs en wordt het kind meegenomen in de planning van de dag.

Na de ontwikkelgroep start de leergroep. In de leergroep werken de kinderen aan hun eigen persoonlijke doelen. Deze doelen worden gesteld door de leerkrachten en gebaseerd op de leerlijnen van de verschillende vakken. Met het kind worden de stappen van de leerlijn gevolgd. Bij elke stap wordt gekeken of het kind beginnend is tav het doel, gevorderd of dat het kind het doel beheerst. Bij beginnend en gevorderd wordt het kind voorzien we het kind van passende materialen om te leren en te oefenen. De leerkracht is belangrijk bij het observeren van het leren. Zogenaamde ‘zeker weten’ momenten over het beheersen van doelen worden vastgelegd in ons portfoliosysteem Groeiwijs.

In de onderbouw, onze bouwers, werken de kinderen op 4 leerpleinen tijdens de leergroep. Een leerplein Expressie, een leerplein waar de materialen en inrichting zoveel mogelijk aansluiten bij het voorbereidend en aanvankelijk rekenen, een leerplein waar  de materialen en inrichting zoveel mogelijk aansluiten bij de taalontwikkeling en een leerplein Onderzoek doen.

In de middenbouw (onze onderzoekers) en de bovenbouw (onze wetenschappers) werken nu nog met twee leergroepen en vormen in de middag de onderzoeksgroep.

In de Ontwikkelgroep zijn de kinderen op leeftijd ingedeeld: 4 & 5 jarigen vormen de bouwers, kinderen in de leeftijd van 6 t/m 8 jaar vormen de onderzoekers. De 9 tot 12 jarigen vormen de wetenschappers. Gedurende het schooljaar kunnen kinderen verplaatst worden naar een andere groep waar ze qua ontwikkeling beter in passen. In de Ontwikkelgroep ligt de focus op groei in (levens)houding. De leerkracht werkt volgens een jaarplan met de kinderen aan onderwerpen zoals daadkracht, optimisme, ‘growth mindset’ en ethiek. Aan het eind van de dag komen deze groepen weer bij elkaar gedurende maximaal een half uur en wordt er samen op de dag teruggekeken.

De basisvakken komen aan bod in de Leergroep. Hier werken de kinderen aan hun persoonlijke leerdoelen. De doelen zijn persoonlijk, het werken aan de doelen gebeurt in groepjes.

Tijdens de leergroep is de bouw opgedeeld in leerpleinen. Een leerplein is een ruimte, in ons geval een lokaal, waar alles rondom één bepaald vakgebied is ingericht. Elk plein heeft een gestructureerd en passend aanbod op het gebied van de kerndoelen. Er is een rekenplein, een taal- en een onderzoeksplein. Het kind  wordt  er op eigen niveau begeleid en tegelijkertijd is de groep zo samengesteld dat peers elkaar kunnen vinden en samenwerken. Dat betekent dat de samenstelling van de groep verschilt van de ontwikkelgroep.

Bij het samenstellen van de leergroep is vooral gekeken naar waar het kind in z’n ontwikkellijn staat en met welke kinderen het hierin het beste samen kan leren. Elk kind werkt naast de inhoudsdoelen van de vakgebieden aan zijn levenshouding doelen, zoals Growth mindset, grit en executieve functies.

De leerkracht op het leerplein is over een langere periode dezelfde. Dat geeft ruimte tot kennis en verdieping op één gebied, want de leerkracht is gedurende die tijd geheel gefocust op één vak.

Elk plein ademt de sfeer uit van dat ontwikkelgebied. Er zijn  mooie concrete materialen, veel steunteksten op de muur en werk van kinderen. De door de kinderen opgestelde succescriteria ten aanzien van onderdelen zijn zichtbaar. De schooltaal die er gebruikt wordt is door de hele school hetzelfde: Growie, concentratie, doorzetten, giraffe taal, successen, feedback en nog veel meer. Elk kind kent en gebruikt deze termen.

In de school zijn binnen en buiten het klaslokaal speciale, herkenbare, leerrijke werkplekken ingericht waar kinderen individueel of in kleine groepjes aan het werk gaan.  Vaklessen als lichamelijke oefening of spellessen vinden vanuit de Ontwikkelgroep in de gymzaal plaats. We maken daar in een rooster gebruik van met andere scholen.

De onderzoeksgroep krijgt vorm op het onderzoeksplein. Hier staat gedurende enkele weken één thema (een unit) centraal, over de wereld in een brede context. De unit  is voor de hele school hetzelfde, met een vaste herkenbare structuur, heldere doelen en een geïntegreerde internationale leerlijn. De kinderen groeperen zich op basis van verschillende onderzoeksvragen. Hier werken kinderen van uiteenlopende leeftijden samen. We werken in de Onderzoeksgroep volgens het lesprogramma International Primary Curriculum (IPC). Dit is een inspirerende, thematische en resultaatgerichte methode in de zaakvakken (zoals aardrijkskunde, geschiedenis en biologie) en de creatieve vakken. Effectief leren staat centraal bij IPC. De thema’s (units) lopen uiteen van ‘Een missie naar Mars,’ naar ‘Regenwouden’ en ‘Chocolade’.

Meesterschapsproeven
Een belangrijk onderdeel van de Onderzoeksgroep vormen de zogenaamde Meesterschapsproeven. Meesterschapsproeven zijn uitdagende opdrachten over diverse onderwerpen die de kinderen zelf uitkiezen. Aan de hand van onderzoeksvragen en leerdoelen gaat het kind aan de slag. Het wordt een ware ontdekkingstocht waarin kinderen veel kennis op doen en veel over zichzelf leren. De kinderen leren leren, onderzoeken, plannen, samenwerken, plezier hebben, elkaar vooruit helpen en zelfbewust zijn. Deze hogere vaardigheden helpen kinderen op school, en daarna, hun talenten te kennen en gebruiken. Elk kind zal helemaal opgaan in zijn eigen onderzoek, een weg die niet altijd gemakkelijk zal zijn en waarbij het zichzelf op de proef stelt. Bij de afronding weet het kind uiteindelijk zoveel over zijn eigen onderzoek dat het zich er meester over voelt.

Het motto van IPC: Great Learning – Great Teaching – Great Fun

Levenshoudinggericht onderwijs

De kern van ons onderwijs is levenshoudinggericht onderwijs. Zo werken we bijvoorbeeld bij de start van de dag in de ontwikkelgroep met een thema als taakinitiatie (een van de executieve functies).  We bespreken en doen met elkaar oefeningen rondom het starten van een taak en het focussen daarop. Een ander voorbeeld is dat we periodiek werken aan de bouwstenen van geluk (Positive Psychology  / PERMA-V,  Seligman). We leggen uit wat die bouwstenen zijn, en we voeren oefeningen uit om aan die bouwstenen te werken.

De kinderen starten de dag in de ontwikkelgroep. In deze groep ligt de focus op levenshouding. De samenstelling in de groep ligt vast en zorgt ervoor dat kinderen elkaar goed leren kennen en hierin zichzelf kunnen tonen. De start is bijvoorbeeld een verhaal of een filmpje waarin een bepaald aspect van de levenshouding centraal staat. Gedurende een langere periode zal dit het onderwerp van gesprek zijn in de ontwikkelgroep. Zo kan het bijvoorbeeld over doorzetten gaan. Met elkaar wordt bekeken wat doorzetten is en worden ervaringen uitgewisseld. De kinderen worden zich bewust van het begrip, maar ook wat hun doorzettingsvermogen is en wat zij kunnen ondernemen om hierin te groeien. Het kind krijgt zicht op zichzelf en van daaruit op onderdelen die meer ontwikkeld moeten worden.

Hier komt een persoonlijk ontwikkelplan uit voort. Dit stappenplan helpt het kind om in de loop van de dag bewust om te gaan met situaties waarin doorzetten wordt verlangd. Het resultaat zal zijn dat het kind steeds meer groeit in het nemen van hindernissen en daardoor trots op zichzelf wordt. Zo werken we gestructureerd aan heel veel aspecten van de levenshouding die er aan bijdragen dat kinderen zichzelf goed leren kennen en laten ervaren dat ze hun eigen gedrag kunnen sturen.

Enkele voorbeelden van levenshoudingsaspecten die aan de orde komen:

  • Optimisme
  • Daadkracht
  • Omgaan met fouten
  • Geluk
  • Groeimentaliteit (Fixed/Growth mindset)

Kinderen met een ‘Fixed mindset’ zitten vast in het beeld dat zij over zichzelf hebben:
‘Ik kan dit toch niet, dat is te moeilijk, het zal mij nooit lukken.’
Maar heb je een ‘Growth mindset’ dan sta je open om te leren ‘Het is moeilijk, ik kan het nog niet, maar ik ga het leren.’ Kinderen met een ‘Fixed mindset’ hebben last van een negatief zelfbeeld. Maar door training kun je groeien naar een ‘Growth mindset’.

Belangrijke vaardigheden die aan de orde komen:

  • Leren leren
  • Plannen
  • Samenwerken
  • Concentratie
  • Impulsen en emoties reguleren
levenshoudinggericht
levenshoudinggericht

Lesmethodes

Onze belangrijkste leidraad zijn de leerlijnen bij de verschillende vakken. Voor het levenshoudingsgericht onderwijs hebben we een jaarplan gemaakt en gebruiken we onder andere materialen als:

  • Wijzer in executieve functies (Pica/ Zien in de klas)
  • Geluksmeter (Martin Seligman)
  • De Dienrenvriendjes (Mindtrainers voor kinderen)
  • Vreedzame school (CED groep)
  • Fixie/ Growie (talentenlab)

Voor rekenen gebruiken we veel materiaal. Eerst gaat een kind met de handen werken aan een rekenprobleem waarna we over gaan op het werken op papier en hoofdrekenen.  Als leidraad voor de leerlijnen gebruiken we de methode Rekenwonders en de bijbehorende prentenboeken. Kinderen werken daarnaast met diverse werkboeken en op de computer met Rekentuin.

Voor taal werken we ook met name vanuit de taal van de kinderen. Onze basis is Taalvorming waarbij we onder andere veel gebruik maken van de methodiek taalronde (minimaal 1x per week). Verder werken we met Taal Doen, dit zijn kasten met heel veel interessante opdrachten op diverse taaldoelen. Deze kasten zijn geheel kerndoelendekkend.

In de schoolwijzer is meer te vinden over de werkwijze en het materiaal dat we gebruiken om de doelen voor de kinderen te halen.

Schooltijden

De kinderen komen tussen 8.15 uur en 8.30 uur binnen. De dag wordt om 14.30 uur afgerond. Op woensdag wijkt de schooltijd af en is de eindtijd 13.45 uur.

Tussen de middag is er een tussenschools moment. Ouders kunnen een contract afsluiten voor hun kind om op school te blijven in deze 45 minuten. In deze tijd eet de leerkracht samen met de kinderen. De pauze van een half uur wordt verzorgd door onze ‘buitenschoolmedewerkers’. De buitenschool Tussen wordt gevormd door een professionele coordinator van de buitenschool met een team van professionals en vrijwilligers.

Vanaf 14.30 start onze Buitenschool. We noemen dit geen buitenschoolse opvang want we vinden de naam opvang niet passen bij wat wij bieden. De buitenschool van de School of Understanding Amsterdam-West is een samenwerking van de stichting AWBR voor openbaar primair onderwijs en de stichting Akros voor kinderopvang en welzijn.

De Buitenschool vormt een onderdeel van onze school en duurt tot 18.30 uur. Meer informatie over de buitenschool vindt u bij het kopje op deze site.

School en buitenschool worden dusdanig uitgevoerd dat ze complimentair aan elkaar zijn en dat er weinig tot geen barrieres zijn voor een kind tussen school en buitenschool.

Dagindeling

TijdGlobaal overzicht
  
8:15Binnenkomst
8:30Ontwikkelgroep & Yoga
9:10 – 12:00Leergroep & onderzoek op diverse leerpleinen, incl. Pauze
12:00Buitenschool Tussen: lunch en pauze
12:45Leergroep & onderzoek op diverse leerpleinen
14:15Ontwikkelgroep: terugblik op de dagdoelen
14:30Einde schooldag, start Buitenschool

Nederlandstalig & Engelstalig onderwijs

Nederlands is onze voertaal maar we bieden een deel van ons onderwijs ook in het Engels aan. De wereld van nu stelt immers steeds hogere eisen aan de taalvaardigheid van het Engels. Vooralsnog geven wij 75% van onze lessen in het Nederlands en 25% in het Engels. Wij lezen Engelse verhalen voor, spelen spelletjes in het Engels en zingen liedjes in het Engels.